Sportclubs steeds vaker beleidspartner gemeente

  • Jo Lucassen presenteert
afbeelding van Jan Janssens
Jan Janssens

Gemeenten zien sportclubs steeds vaker als beleidspartner, maar bezuinigen er wel op. Dat kwam naar voren tijdens de presentaties van onderzoeksresultaten door het Mulier Instituut tijdens de Dag van het Sportonderzoek die gisteren werd gehouden in Zwolle. De Dag van het Sportonderzoek is een jaarlijks terugkerend congres voor sportonderzoekers uit heel Nederland. Het evenement wordt gehouden onder auspiciën van het Mulier Instituut en NISB en werd dit jaar georganiseerd door Landstede en Kennispraktijk.

Open club

Volgens Jo Lucassen en Janine van Kalmthout, onderzoekers van het Mulier Instituut, kan bijna één op de drie sportverenigingen in Nederland als een “open club” worden gekarakteriseerd. Een “open club” organiseert niet alleen sportactiviteiten voor haar eigen leden maar staat ook open voor de samenleving, heeft een “maatschappelijke oriëntatie”. Die komt bijvoorbeeld tot uiting in activiteiten gericht op specifieke doelgroepen, zoals mensen met een handicap, ouderen of kwetsbare jongeren, of in beleid gericht op duurzaamheid of gezonde leefstijl.

Samenwerking in sociale domein

Die open houding wordt ook steeds vaker van sportclubs verwacht. Vooral gemeenten zien verenigingen steeds vaker als partner in beleid. Ze zien graag dat verenigingen een actieve(re) rol spelen in lokaal beleid voor het sociale domein. Niet alle verenigingen hebben voldoende organisatiekracht om daaraan tegemoet te komen, maar bij het merendeel van de clubs is die volgens de onderzoekers wel in orde. De verenigingen zelf vinden overigens vaak dat zij als sportaanbieder al een uitgesproken maatschappelijke rol vervullen. Hoe het ook zij, gemeenten en sportclubs werken steeds vaker in het sociale domein.

Vitale clubs

Deze en andere bevindingen zijn opgeschreven in het boek Vitale clubs voor sport en samenleving, dat tijdens de Dag van het Sportonderzoek door Jo Lucassen werd gepresenteerd. In dat boek wordt ingegaan op de vraag in hoeverre sportclubs zijn toegerust om die maatschappelijke taken te vervullen en onder welke voorwaarden, en p welke wijze, zij daar het best invulling aan kunnen geven.

Vitaliteitsindex

Om de organisatiekracht en maatschappelijke oriëntatie van sportclubs te meten hebben de onderzoekers van het Mulier Instituut een vitaliteitsindex ontwikkeld. In een flink aantal gemeenten is deze index inmiddels ook bij sportverenigingen toegepast.

Leerklimaat

Wat kunnen de clubs met deze studie, vroegen wij de auteurs. Lucassen en Van Kalmthout hoefden niet lang na te denken over het antwoord op die vraag. Lucassen: “Door die vitaliteitsindex kunnen  verenigingen zien wat hun positie is in vergelijking met andere clubs. Hoe groot is hun organisatiekracht? Hoe sterk hun maatschappelijke oriëntatie? Ze kunnen ook lezen wat zij zouden kunnen doen om het ‘leerklimaat’ in de club te verbeteren.” Volgens Van Kalmthout is een belangrijke les dat sportverenigingen die maatschappelijk actief willen worden daarvoor een breed draagvlak moeten hebben. “Je moet als bestuur openstaan voor initiatieven uit de achterban en die achterban erbij betrekken als je zelf plannen hebt. Omarm de mensen die iets nieuws willen doen.”

Bezuinigingen

Hoewel gemeenten sportclubs maar wat graag als beleidspartner zien, maken ze het die clubs vandaag de dag niet makkelijk. Zo bleek tijdens een andere presentatie die Janine van Kalmthout eerder verzorgde tijdens de Dag van het Sportonderzoek. Op basis van peilingen onder het verenigingspanel schetste ze de ontwikkelingen in de financiële positie van sportclubs. Het beeld dat daaruit oprees is tamelijk somber. Het percentage sportclubs dat zich zorgen maakt over de eigen financiële situatie is de laatste jaren gegroeid. En daar lijkt ook alle reden toe, want niet minder dan een op de vijf clubs heeft het laatste jaar afgesloten met een negatief saldo op de resultatenrekening. Steeds meer clubs teren in op hun reserves (als ze die al hebben). De teruglopende gemeentelijke subsidies en de oplopende tarieven voor accommodaties zijn daarbij een belangrijke oorzaak.

Boek

Binnenkort zal Jo Lucassen in een eigen artikel op SportclubNL dieper ingaan op de uitkomsten van het onderzoek naar vitalisering van sportclubs. Het boek Vitale clubs voor sport en samenleving (ISBN 9789071902178) is verschenen in de Sport en Kennis reeks van uitgeverij Stipp. Het boek telt 196 pagina’s en kost €17,50. Het is hier te bestellen.

Factsheet

Op de website van het Mulier Instituut kan een factsheet worden gedownload over de financiële ontwikkelingen bij sportverenigingen.